395px

E quer me de novo

Alex Roeka

En wil me dan weer

Ja, daar ben ik weer, stank van je hart.
Kom nog één keer terug, verweesd en verward.
Niet om scherven te lijmen in het huis van een spook.
Eens kun je niet langer meer blijven, dat weet ik ook.

Maar laat het niet gaan, die dag op het land,
Het vuur in de sloot en wij langs de kant,
Het pad naar de dijk en hoe je daar liep,
Een jurk vol hooi, een bos waaiend riet.
En denk aan het wad, de zucht van de zee,
Je lichaam al ja, je handen nog nee.
En hoe je toen brak als de punt van een speer
En beet naar het gras… En haat me dan weer.

Dromen van hemel, dromen zo vet en geschift,
Maar als ze niet uitkomen komt het vergif.
Je probeerde me monddood te maken, ik viel voor een del,
Je rook haar lucht aan mijn kaken en toen, toen kwam de hel.

Maar laat het niet gaan, die zwiep in je hoofd,
De sprong van het beest en God zij geloofd,
Geprezen, verlinkt, verslingerd, vervloekt
En wat je bent als je zingt, dat is wat je zoekt.
En denk aan het 'hé' uit de strot van de nacht,
Je deinende kont met honger bevracht.
En roep wat je zei: 'Nee, ik wil het niet meer,
Maar hou nog niet op.' En haat me dan weer.

Vannacht stond ik voor het raam…
Een geest…
Het was zo stil… leeg en stil…
Alsof er nooit iets was geweest.

Maar laat het niet gaan, de roes van de weg,
Als de roofvogel valt vlak achter de heg
En het zuiden verschijnt in het geel van Van Gogh
En of het nou goed is of slecht het bloed woekert toch.
En denk aan de tocht omhoog naar het gruis,
Je staat op de rots en hoort nergens thuis.
Je voelt hoe het gaat, dan weer op dan weer neer,
Het is de wind met het stof en doe het dan weer.
Ah, je weet hoe het gaat, dan weer op dan weer neer,
Het is de wind met het stof en ga nog een keer,
Schop je broek naar de zon, spring in het meer,
Rol je lijf door de sneeuw en wil me dan weer, wil me dan wee

E quer me de novo

Sim, aqui estou eu de novo, o fedor do seu coração.
Volte mais uma vez, desamparado e confuso.
Não para colar os cacos na casa de um fantasma.
Um dia você não pode mais ficar, eu sei disso também.

Mas não deixe isso ir, aquele dia no campo,
O fogo na vala e nós na beira,
O caminho para a barragem e como você andava,
Um vestido cheio de feno, um monte de junco balançando.
E pense na maré, o suspiro do mar,
Seu corpo sim, suas mãos ainda não.
E como você quebrou como a ponta de uma lança
E mordeu a grama... E me odeia de novo.

Sonhos de céu, sonhos tão gordos e malucos,
Mas se não se realizam, vem o veneno.
Você tentou me calar, eu caí por uma delícia,
Você sentiu o cheiro dela nas minhas bochechas e então, então veio o inferno.

Mas não deixe isso ir, aquele movimento na sua cabeça,
O salto da fera e Deus seja louvado,
Abençoado, traído, enredado, amaldiçoado
E o que você é quando canta, isso é o que você busca.
E pense no 'ei' que sai da garganta da noite,
Seu quadril balançando carregado de fome.
E grite o que você disse: 'Não, eu não quero mais,
Mas não pare ainda.' E me odeia de novo.

Essa noite eu estava na frente da janela...
Um espírito...
Estava tão quieto... vazio e silencioso...
Como se nunca tivesse havido nada.

Mas não deixe isso ir, a embriaguez do caminho,
Quando o falcão cai logo atrás da cerca
E o sul aparece no amarelo de Van Gogh
E se é bom ou ruim, o sangue ainda se espalha.
E pense na subida até os destroços,
Você está na rocha e não se sente em casa em lugar nenhum.
Você sente como vai, sobe e desce,
É o vento com a poeira e faça de novo.
Ah, você sabe como é, sobe e desce,
É o vento com a poeira e vai mais uma vez,
Chute sua calça para o sol, pule no lago,
Role seu corpo na neve e quer me de novo, quer me de novo.

Composição: