395px

Rua Onze

Benny Neyman

Onze Straat

In onze straat op nummer tien
Daar woont een zekere tante Dien
Ze breit, ze haakt en ze borduurt
Maar ze weet alles van de hele buurt
En gaat ze winkelen bij de Spar
Doet ze maar weinig in haar kar
Want er wordt heel wat afgezwetst
En niet gekocht, alleen gekletst
Ze is het nieuwsblad van de straat
Er is haast niets dat haar ontgaat
Al wat ze rondstrooit in de buurt
Verbreidt zich als een lopend vuurtje
Dus als je haar ooit tegenkomt
En d'r niet meer ontwijken kunt
Zeg liever niets maar hou je mond
Want dan heeft zij het op je gemunt

Want overal waar je gaat of staat
Wordt er geroddeld en gekwebbeld
Ja je weet toch hoe het gaat
Het is niets bijzonders en het kan geen kwaad
Als je maar boven, boven, hoog boven staat

En op de hoek op nummer een
Daar woont een man, hij leeft alleen
Omdat hij dameskapper is
Denken de meesten dat het een flikker is
Ze zien hem nooit met een vriendin
Zijn haren zijn gepermanent
Hij heeft een air als een gravin
Maar in zijn vak heeft hij talent
Ze komen bij hem voor hun haar
Hij zet ze netjes in de krul
Maar als hij langskomt met de schaar
Dan is het lachen, gieren, brullen
Hij lacht gezellig met ze mee
Maar ondertussen denkt hij: barst
Straks dan plunder ik hun portemonnee
Want wie het laatst lacht
Die lacht het best

Want overal waar je gaat of staat
Wordt er geroddeld en gekwebbeld
Ja je weet toch hoe het gaat
Het is niets bijzonders en het kan geen kwaad
Als je maar boven, boven, hoog boven staat

In onze straat op nummer twee
Woont een mevrouw, ze leest Prive
En Weekend, Story, ook nog Mix
Ze denkt: zo blijf ik bij, zo mis ik niks
Ze kent de vrouwen van de Sjah en de problemen van prins Claus
Het doen en laten en zelfs de gaten in de kousen van de Paus
Ze had een hele fijne man, het was een kerel als een boom
Die ging een dag naar Amsterdam maar is toen nooit meer teruggekomen
Maar loopt ooit Gert weg bij Hermien of ziet ze Duys teveel met Mies
Of Paul van Vliet met Jasperien, dan spreek ze schande van zoiets vies

Want overal waar je gaat of staat
Wordt er geroddeld en gekwebbeld
Ja je weet toch hoe het gaat
Het is niets bijzonders en het kan geen kwaad
Als je maar boven, boven, hoog boven staat

Soms denk ik wel van lieverlee zat ik maar op de Mokerhei
Maar wie weer valt het toch wel mee wat ze vertellen over mij

Want overal waar je gaat of staat
Wordt er geroddeld en gekwebbeld
Ja je weet toch hoe het gaat
Het is niets bijzonders en het kan geen kwaad
Als je maar boven, boven, hoog boven staat

Rua Onze

Na nossa rua, no número dez
Mora uma certa tia Dien
Ela tricota, faz crochê e borda
Mas sabe tudo da vizinhança toda
E quando vai às compras no Spar
Coloca bem pouco no carrinho a pesar
Porque rola muito papo furado
E nada é comprado, só é conversado
Ela é o jornal da rua
Quase nada escapa da sua
Tudo que espalha pela vizinhança
Se espalha como fogo em confiança
Então se um dia você a encontrar
E não conseguir mais escapar
Melhor não dizer nada, fica na sua
Porque aí ela vai te pegar na rua

Porque onde quer que você vá ou fique
Rola fofoca e muito blá blá blá
É, você sabe como é que é
Não é nada demais e não faz mal, não
Desde que você fique, fique, bem longe, então

E na esquina, no número um
Mora um cara, ele vive só
Por ser cabeleireiro, a galera acha
Que ele é gay, mas não é bem assim, não
Nunca o veem com uma namorada
O cabelo dele é permanente
Ele tem um jeito de quem é da alta
Mas no que faz, ele é bem talentoso
As pessoas vão lá pra arrumar o cabelo
Ele deixa tudo bem enrolado
Mas quando ele chega com a tesoura
É risada, gritaria, é uma zona
Ele ri junto com a galera
Mas por dentro pensa: que droga
Logo vou roubar a grana deles
Porque quem ri por último
Ri melhor, é isso que é

Porque onde quer que você vá ou fique
Rola fofoca e muito blá blá blá
É, você sabe como é que é
Não é nada demais e não faz mal, não
Desde que você fique, fique, bem longe, então

Na nossa rua, no número dois
Mora uma senhora, lê Prive
E Weekend, Story, e também Mix
Ela pensa: assim eu fico por dentro, não perco nada
Ela conhece as mulheres do Xá e os problemas do príncipe Claus
O que fazem e o que não fazem, até os buracos das meias do Papa
Ela teve um homem muito bom, um cara forte como uma árvore
Ele foi um dia pra Amsterdã, mas nunca mais voltou
Mas se Gert um dia deixar Hermien ou vê Duys demais com Mies
Ou Paul van Vliet com Jasperien, ela vai falar mal de algo tão sujo

Porque onde quer que você vá ou fique
Rola fofoca e muito blá blá blá
É, você sabe como é que é
Não é nada demais e não faz mal, não
Desde que você fique, fique, bem longe, então

Às vezes eu penso que preferia estar na Mokerhei
Mas quem diria, não é tão ruim assim o que falam de mim

Porque onde quer que você vá ou fique
Rola fofoca e muito blá blá blá
É, você sabe como é que é
Não é nada demais e não faz mal, não
Desde que você fique, fique, bem longe, então