395px

Blues do Jantje

Cornelis Vreeswijk

Jantjes Blues

Jantje was aan het wandelen op het Leidseplein
Toen vond hij een riksdaalder en dat vond hij fijn
Hij kocht er zoute pinda's voor, sigaretten en drop
Kortom, in no time waren al zijn centen op

Maar hij werd geschaduwd door een brigadier
Die zij tegen Jantje: "Hé, kom jij maar eens hier
Ik weet niet of je het weet, maar riksdaalders op straat
Zijn verloren goederen en horen aan de staat"

De rechter zei: "Hé Jantje, weet jij wel wat je bent
Dat noemen wij juridisch jeugddelinquent
Een schande voor je ouders, je toekomst naar de maan
Want als je later groot bent, krijg je nooit een goede baan"

"Stik maar", zei Jantje, "met die kouwe kak
Ma is de hort op en pa zit in de bak
Wat die er van zeggen, dat lap ik aan mijn schoen
En als ik later groot ben, zorg ik zelf wel voor mijn poen"

Toen haalde men er een heel stel psychologen bij
Die vonden hem gevaarlijk voor de maatschappij
Vandaag een riksdaalder en morgen een kluis
Hupsakee, de bajes in en weg met dat gespuis

Op zijn verjaardag zat Jantje in de cel
Er kwam geen visite, maar cadeautjes kreeg hij wel
Ma stuurde hem een ijzerzaag, pa stuurde hem een boor
"Daar gaat hij dan", zei Jantje en ging ervandoor

Buiten de bajes zag hij een auto staan
"Die leen ik maar", zei Jantje, zo gezegd zo gedaan
Maar in een scherpe bocht kreeg die kar een lekke band
Sloeg zeven maal over de kop en vloog in de brand

Hiermede eindigt het verhaal van onze held
Een blues voor Jantje zongen de vogels in het veld
"Jezus", zei de dominee, "sta zijn zieltje bij"
Maar Jantje had er maling aan, want Jantje was vrij
Jantje was vrij
Jantje was vrij
Jantje was vrij

Blues do Jantje

Jantje estava passeando na Praça Leidse
Quando encontrou uma moeda e achou bem legal
Comprou amendoim salgado, cigarro e bala
Resumindo, em pouco tempo, todo seu dinheiro foi pro ralo

Mas ele estava sendo seguido por um policial
Que disse pra Jantje: "Ei, vem cá, meu irmão
Não sei se você sabe, mas moeda na rua
É bem perdido e pertence ao governo, na boa"

O juiz disse: "Ei Jantje, você sabe quem é?
Chamamos isso de delinquente juvenil, vê?
Uma vergonha pros seus pais, seu futuro tá no chão
Porque quando você crescer, nunca vai ter um bom trampo não"

"Dane-se", disse Jantje, "com essa conversa fiada
Mamãe tá fora e papai tá na cadeia
O que eles falam, eu não tô nem aí
E quando eu crescer, eu mesmo cuido do meu dinheirinho"

Então chamaram um monte de psicólogos
Que acharam ele perigoso pra sociedade
Hoje uma moeda e amanhã um cofre
Pronto, pra cadeia e tchau pra esse vagabundo

No seu aniversário, Jantje tava na cela
Não teve visita, mas ganhou presente, isso é bela
Mamãe mandou uma serra, papai mandou uma furadeira
"Lá vai ele", disse Jantje e saiu na primeira

Fora da cadeia, viu um carro parado
"Vou pegar esse aqui", disse Jantje, e foi apressado
Mas numa curva fechada, o carro furou o pneu
Capotou sete vezes e pegou fogo, adeus

Assim termina a história do nosso herói
Um blues pro Jantje cantaram os pássaros depois
"Jesus", disse o pastor, "ajude sua alma a ir"
Mas Jantje não ligou, porque Jantje era livre
Jantje era livre
Jantje era livre
Jantje era livre

Composição: