395px

A Canção do Marinheiro

Jules de Corte

t Zeemansliedje

Sedert mijn boot is uitgevaren
Heb ik al menig tijd doorstaan
Heb ik al heel wat zien verjaren
Mensen zien komen en zien gaan

Nachten genoeg van mist en regen
Dagen volop van sneeuw en ijs
Maar, ik heb ook veel zon gekregen
Vaak ging de zomer mee op reis

Menig maal voer ik glad verkeerd
Dan kwam ik uit bij lege landen
Soms heb ik zo gemanouvreerd
Dat ik gevaar liep om te stranden

Vanaf de vele and're schepen
Klonken commando's bij de vleet
Maar, ik heb tamelijk gauw begrepen
Dat, wie de beste stuurman heeft
Vaak van de zee 't minste weet

Menig matroos zat op te geven
Over z'n blondje aan de wal
Over 't eigen zeemansleven
Over 't eigen schip vooral

Menig matroos zat, als geslagen
Tussen wel duizend pakken neer
Vrijwel aan een stuk door te klagen
Om dat verdomde beestenweer

Sommige zag ik aan de gang
Bezig elkaar kapot te pesten
Anderen zaten levenslang
Zonder te willen, in de nesten

Hoelang m'n boot nog door mag varen
Door een bekend of vreemd gebied
Zijn 't nog drie of dertig jaren
Soms met geluk, soms met verdriet
Ik vaar maar door, ik weet het niet

A Canção do Marinheiro

Desde que meu barco zarpou
Já enfrentei muito tempo
Já vi muita coisa envelhecer
Gente que vem e que vai

Noites cheias de neblina e chuva
Dias repletos de neve e gelo
Mas também tive muito sol
Muitas vezes o verão viajava comigo

Muitas vezes naveguei em águas perigosas
E acabei em terras desertas
Às vezes manobrei tão bem
Que quase fui encalhar

Dos muitos outros barcos
Vinha um monte de comandos
Mas logo percebi
Que quem tem o melhor timoneiro
Muitas vezes sabe menos do mar

Muitos marinheiros estavam desistindo
Falando da loirinha na costa
Sobre a vida de marinheiro
Sobre seu próprio barco, principalmente

Muitos marinheiros estavam, como derrotados
Entre mil pacotes jogados
Reclamando sem parar
Por causa daquele tempo de cão

Alguns eu vi se estranhando
Se matando de tanto se provocar
Outros estavam presos por muito tempo
Sem querer, em encrenca

Quanto tempo meu barco ainda vai navegar
Por uma área conhecida ou estranha
Serão três ou trinta anos
Às vezes com sorte, às vezes com tristeza
Eu sigo navegando, não sei.

Composição: