395px

Rappo-steeltje

Tol Hansse

Rappo-steeltje

Mientje die ging elke dag naar school toe, op haar fietsie
Maar ach, ze haalde steeds een nul voor haar rappotitie
Haar rapport was zo slecht
Haar moeder had gezegd
"Als jij geen rijke man trouwt, komt van jou geen barst terecht!"

Dat wou ze wel proberen
Het leek haar wel een goed idee
In elk geval veel funner dan op school te moeten leren
Ze zocht in elke tent
Naar een rijke vent, yo

Toen kwam ze Jopie tegen, met haren op zijn bors
Hij was een mooie jongen met een ijskast in zijn Porsche
Haar moeder die zei: "Mientje, jij boft maar met zo'n vriendje
Hij is zo galant en zo interessant
Toe geef hem toch je hand!"

Maar Jopie dacht: Die meid is groen
Ze wil wel poen maar er niets voor doen
En was hij alleen, zong hij zacht voor zich heen

refrain:
"Niemand weet, niemand weet
Dat ik Rapposteeltje heet
Niemand weet, niemand weet
Dat ik Rapposteeltje heet..."

Ze gingen samenwonen, toen begon al het gezeur
Hij bleek geen rijke jongen maar een fiets-rapporateur
Zijn Porsche zoop benzine
Maar Jopie was een kiene
En Mientje moest de baan op om wat extra's te verdienen

Zijn ware aard kwam boven
En aardig bleek die niet
Ze kon het na haar tiende klant nog steeds maar niet geloven
Hij had haar in zijn macht
En geen geluk gebracht, yo

Zijn slechte inborst had hij link voor haar verborgen
Zijn echte naam die wist zij niet, hij maakte zich geen zorgen
Hij gooide onze Mientje te grabbel voor een tientje
Maar op een nacht, zo heel onverwacht
Hoorde zij hem zingen zacht

Ze sloop uit bed en naar de deur
En kreeg van woede een vuurrode kleur
Hij zat daar alleen en zong voor zich heen

refrain

En sinds die nacht der waarheid gingen Mientjes ogen open
En zij besloot diezelfde nacht nog bij hem weg te lopen
Hij kreeg het in de gaten
En riep: "Dat zal je laten
Zolang jij nog mijn naam niet weet kan jij mij niet verlaten!"

Zij riep:"Ik zal je leren
Want namen raden kan ik goed
Al haalde ik op school een nul, ik kan het toch proberen..."
En hij zei: "Ga je gang
Voor jou ben ik niet bang, yo, yo!"

Ze deed of ze diep nadacht en zei toen: Boudewijn
Dirk, Hendrik, Lodewijk, of kan het Gerrit zijn
Adonius van de Bale of Kareltje de Kale
Hij lachte haar uit, een grijns op zijn snuit
En riep: "Schei maar uit..."

Maar Mientje zei: "Mooie meneer
Ik weet het weer, ik raad nog 1 keer..."
Ze grijnsde gemeen en zong voor zich heen

"Ja ik weet, ja ik weet
Dat jij Rapposteeltje heet
Ja ik weet, ja ik weet
Dat jij Rapposteeltje heet"

Hij gaf een luide gil en spatte uit elkaar
Zo zie je, met een Rapposteeltje ben je nog niet klaar... yo

Rappo-steeltje

Mientje ia todo dia pra escola, de bicicleta
Mas poxa, ela sempre tirava zero na sua prova
O boletim era tão ruim
A mãe dela disse assim
"Se você não casar com um cara rico, não vai dar em nada!"

Ela queria tentar
Parecia uma boa ideia
De qualquer forma, era bem mais divertido do que estudar
Ela procurou em cada bar
Por um cara rico, yo

Então ela encontrou o Jopie, com pelos no peito
Ele era um gato com uma geladeira na Porsche
A mãe dela disse: "Mientje, você tá com sorte com esse boy
Ele é tão galante e interessante
Vai, dá a mão pra ele!"

Mas o Jopie pensou: Essa mina é ingênua
Ela quer grana, mas não quer fazer nada
E quando estava sozinho, cantava baixinho

refrão:
"Ninguém sabe, ninguém sabe
Que eu me chamo Rapposteeltje
Ninguém sabe, ninguém sabe
Que eu me chamo Rapposteeltje..."

Eles foram morar juntos, e começou a encheção
Ele não era rico, mas um entregador de bicicleta
A Porsche dele bebia gasolina
Mas o Jopie era esperto
E a Mientje teve que sair pra ganhar um extra

A verdadeira natureza dele apareceu
E não era nada legal
Ela não conseguia acreditar mesmo depois do décimo cliente
Ele a tinha sob seu controle
E não trouxe felicidade, yo

Ele escondeu sua verdadeira essência
Ela não sabia seu nome, ele não se preocupava
Ele jogou a Mientje aos leões por um trocado
Mas numa noite, de forma inesperada
Ela o ouviu cantar baixinho

Ela saiu da cama e foi até a porta
E ficou vermelha de raiva
Ele estava lá sozinho, cantando pra si mesmo

refrão

E desde aquela noite de verdade, os olhos da Mientje se abriram
E ela decidiu naquela mesma noite fugir dele
Ele percebeu
E gritou: "Você não vai fazer isso
Enquanto você não souber meu nome, não pode me deixar!"

Ela gritou: "Vou te ensinar
Porque adivinhar nomes eu sou boa
Mesmo que eu tenha tirado zero na escola, eu posso tentar..."
E ele disse: "Vai em frente
Pra você eu não tenho medo, yo, yo!"

Ela fingiu que estava pensando e disse: Boudewijn
Dirk, Hendrik, Lodewijk, ou pode ser o Gerrit
Adonius van de Bale ou Kareltje de Kale
Ele riu dela, com um sorriso no rosto
E gritou: "Para com isso..."

Mas a Mientje disse: "Bonitão
Eu lembrei, vou tentar mais uma vez..."
Ela sorriu maliciosa e cantou pra si mesma

"Sim, eu sei, sim, eu sei
Que você se chama Rapposteeltje
Sim, eu sei, sim, eu sei
Que você se chama Rapposteeltje"

Ele deu um grito alto e se despedaçou
Então você vê, com um Rapposteeltje você não tá livre ainda... yo