395px

A Grande Invenção

Herman Van Veen

De grote Uitvinding

En God zag al wat Hij gemaakt had
en ziet, het was zeer goed.
En toen Hij dan Zijn werk gestaakt had
omdat Je ook eens rusten moet
vond Hij de zondag zo lang duren
vond Hij Zijn schepping veel te braaf
Zijn schepselen leke stripfiguren
van onderen zo glad en gaaf.
Ze zaten zich al te vervelen
ze hadden niets
om mee te spelen.

Voor alle schepselen die bestonden
heeft Hij die stille dag
piemel en poesje uitgevonden
waarmee Hij dier na dier voorzag.
Zo deelde Hij Zijn werk in tweeën
en de verveling was voorbij:
er werd meteen al flink gevreeën
en had je nog geen hij of zij
die dit geluk met je kon delen
dan kon je met jezelf gaan spelen.

De Here dacht met blij gemoed:
Mijn hele zondag is weer goed.

A Grande Invenção

E Deus viu tudo que Ele havia criado
E viu que era muito bom.
E quando Ele terminou Seu trabalho
Porque também é preciso descansar
Ele achou o domingo muito longo
Achou Sua criação muito certinha
Suas criaturas pareciam personagens de quadrinhos
Por baixo, tão lisas e perfeitas.
Eles já estavam se entediando
Não tinham nada
Para brincar.

Para todas as criaturas que existiam
Ele inventou aquele dia tranquilo
Pinto e xoxota
Com os quais Ele supriu animal por animal.
Assim, Ele dividiu Seu trabalho em duas partes
E o tédio acabou:
Logo começou a rolar a putaria
E se você não tinha um ele ou uma ela
Para compartilhar essa felicidade
Você podia brincar consigo mesmo.

O Senhor pensou com alegria:
Meu domingo está de boa de novo.

Composição: Herman Van Veen / Willem Wilmink